Verhaaf verder

Het zoeken naar de herkomst van mijn schilderijtje H.J.Verhaaf doet mij mijmeren over het kunstenaarschap.

Al eerder heb ik mij intensief verdiept in het leven en werk van mijn overgrootvader Martinus Christiaan Schenk (1833-1911). Hij heeft heel zijn lange leven gewerkt om mooie dingen te maken. Soms had hij daar een goede boterham aan, soms was het op een houtje bijten. Hij werd gewaardeerd om zijn vakmanschap  in het decoratieve neogotische werk voor de Katholieke kerken en om zijn portretten vooral van geestelijken . Zijn genre stukjes en “vrije werk” is op veilingen nog wel eens te vinden, maar de kunstgeschiedenisboeken heeft hij daarmee niet gehaald.
Hendrik Johan Verhaaf, 1892->1954, is een vergelijkbaar maar toch ander verhaal. Zijn vader was schilder (ik neem aan huis- en decoratieschilder). Hendrik is al op jonge leeftijd begonnen met het maken van schilderijen.  Maar in 1921 (bij zijn huwelijk) is hij daarnaast ook (hulp-)postbode. Vanaf 1925 zet hij een kunsthandel op, voornamelijk met zijn eigen werk (Haagse School-achtige landschappen, soms schaamteloze imitaties en altijd modieus). Veel van zijn werk verkocht hij door aan een handelsmaatschappij die hele ladingen “Hollandsche Kunst” naar Amerika verscheepte. Op een dergelijke manier is ook werk van schilders als John Bevort (ook met pseudoniem Camprio), Jan Knikker jr, Herman Heuff, Gerard Delfgauw (ook onder het pseudoniem H. van Gessel), Jan Kelderman en vele anderen op diverse Amerikaanse veilingsites te vinden.

verhaaf 2Zuidhavenpoort Zierikzee H.J. Verhaaf

 

“Mijn” schilderijtje van Verhaaf is een afbeelding van de Zuidhavenpoort in Zierikzee. Het is een imposante poort die onderdeel was van de laatmiddeleeuwse vesting van dat Zeeuwse stadje. Het is heel pittoresk en fotogeniek, vandaar dat er heel veel afbeeldingen van zijn gemaakt. Nogal wat daarvan zijn op internet terug te vinden. Hieronder een aantal opvallende voorbeelden.

Andere werken met de Zuidhavenpoort van Zierikzee.
Alle afbeeldingen heb ik gevonden via Google op internet, in de meeste gevallen heb ik niet meer kunnen achterhalen wie de rechthebbende van de foto’s zijn (excuses daarvoor). Dit zijn slechts enkele van de vele kunstenaars die de poort tot onderwerp kozen.

jan knikker jr zierikzee       Jan Knikker jr zierikzee 2
Jan Simon Knikker jr,                                 J.Knikker jr.

G.J. Delfgaauw     gerard delfgauw -H.van Gessel
Gerard Delfgauw                           H. van Gessel (pseudoniem van Gerard Delfgauw)

Herman Heuff manipulated     Herman Heuff 2
Herman Heuff                                               Herman Heuff

E.A. Jansen     e.a.jansen 2
Egbertus Antonie Jansen                                E.A. Jansen

zierikzee e.a. Jansen ca 1940     schilderij E.A. Jansen 2
E.A. Jansen                                                        E.A. Jansen

wgf jansen      Mijndert van den Berg 1876 1967
Willem George Frederik Janssen              Mijndert van den Berg

kees verweij     arent ronda_stadsgezicht
Kees Verweij (aquarel)                             Arent Ronda

johannes Miedema 1922      optica g.b. probst 1765Johannes Miedema 1922                         G.B, Probst, opticaprent 1765

zuidhavenpoort Verkade album
Jan Voerman jr, Verkade-album “De Grote Rivieren”

De-Zuiderhavenpoort-te-Zierikzee.-1875      h.e. roodeburg ets 1926
Philippe Benoit, gravure                                      Hendrikus Elias Roodenburg, ets 1926

Meer oude foto’s

1893     zierikzee 1895
1893                                              1895

zierikzee
ansichtkaart ca. 1915

800px-Landzijde_-_Zierikzee_-_20222349_-_RCE    1926
1924 (Het lijkt of de stadsmuur ontbreekt)           1926 (ook hier geen stadsmuur?)

panoramafoto omstreeks 1910Panorama Zuidhavenpoort omstreeks 1910

Zierikzee Zuidhavenpoort na restauratie 1960
De situatie na de restauratie (en reconstructie van de stadsmuur 1960-1970)

Voor zover ik heb kunnen achterhalen was de brug voor de Zuidhavenpoort (over de stadsgracht, die later werd omgevormd tot Nieuwe Haven) een ophaalbrug. Deze werd in 1839 vervangen door een stenen vaste brug. In 1927 werd deze brug weer vervangen door een stalen ophaalbrug. De huidige brug dateert van 1959, al zijn er sinds die tijd wel enkele wijzigingen aangebracht bij onderhoudswerkzaamheden.

Zuidhavenpoort_rechts_Noordhavenpoort_-_Zierikzee_-_20222364_-_RCE
Oude prent van de ingang van de Zuidhaven in Zierikzee waarop de reconstructie van 1960 is gebaseerd (opvallend: men heeft de buitenpoortse huizen niet meer nagebouwd). Ik  heb niet kunnen achterhalen wie deze prent gemaakt heeft.

DE NAMEN en gegevens van de kunstenaars

Hendrik Johan Verhaaf, geboren in Arnhem 1892 – overleden na 1954 ?

Mijndert van den Berg, geboren in Gorinchem 1876 overleden Den Haag 1967 Schilder vanaf 1906

Jan Simon Knikker jr., geboren en overleden in Den Haag 1911 – 1990  leerling van zijn gelijknamige vader

Gerard J. Delfgauw, (ook Delfgaauw en H.van Gessel) geboren in Monster 1882, overl. Rijswijk 1949

Herman Heuff, Den Haag 1875 –  Heemstede 1945, schilderde tot ca. 1935 (stopte wegens blindheid).

Egbertus Antonie Jansen, Rotterdam 1877 – Mannheim (Dl) 1957

Willem George Frederik Jansen, Harlingen 1871 – Blaricum 1949, decoratieschilder, schilder v.a. 1926

Kees Verweij, Amsterdam 1900 – Haarlem  1995, schilder/aquarellist

Arent Ronda, Zuidlaren 1922 – 1986, schilder en tekenleraar medeoprichter “De Drentse Schilders”

Jan Voerman jr. Hattum 1890 – Blaricum 1967, (kleinzoon van Verkade)

Philippe Benoit, Frankrijk 1813-1905, verder geen informatie

Hendrikus Elias Roodenburg, Den Haag 1895 – Wassenaar 1987, etser tekenaar (Nutroma kopjes)

Johannes Miedema, Rotterdam 1870 – Doorn 1952, schilder en aquarellist. Zoon van Rein Miedema.

Georg Balthasar Probst, Augsburg 1732 – Augsburg 1801, Graveur en uitgever van (optica-)prenten.

 

Advertenties
Geplaatst in Geen categorie, kunst | 1 reactie

Verhaaf

Dit weekend vond ik bij de kringloopwinkel weer een schilderijtje waarop ik mijn restaurateursvaardigheden met een gerust hart kan trainen. Misschien vinden een aantal mensen het schilderijtje mooi en dus zonde als ik het mogelijk verknal, maar gezien de perspectieffouten vermoedde ik dat het door een amateur is gemaakt. Ook de beschadigde gipsen lijst vormt een uitdaging.

 

Verhaaf 1    verhaaf 2

Het olieverfschilderijtje, op doek 30x40cm, is gesigneerd door H.J.Verhaaf.

verhaaf 4
Verhaaf maakte een monogram van zijn beide voorletters waardoor niet meteen te zien is of hij H, dan wel J Verhaaf heet.

Natuurlijk zocht ik op internet of ik mij niet vergiste en dat het toch een werk van een gezocht kunstenaar betrof. Al snel kwam ik er achter dat het hier ging om iemand die misschien wel veel heeft geproduceerd, maar waarvan de waarde verwaarloosbaar wordt geacht. Na enig speurwerk kwam ik het volgende over hem te weten:
Hendrik Johan Verhaaf werd in Arnhem geboren op 6 augustus 1892 als zoon van Elbert Jan Verhaaf en Christina Dorothea de Bruin. Vader Elbert was schilder (ik vermoed huisschilder) en zij hadden naast Hendrik nog vier kinderen.
Hendrik Johan Verhaaf is in 1921 getrouwd met Gerritje Luckesen en is dan hulpbrievenbesteller van beroep. Toch zal hij in die tijd ook al geschilderd hebben en misschien gedroomd van een glansrijke carrière als kunstschilder.
In de Arnhemsche Courant vind ik vanaf 1926 met enige regelmaat advertenties waarin hij schilderstukken aanbiedt tegen lage prijzen (tussen de 2 en 10 gulden). Hij woont dan in de Nijhoffstraat 123 hs in Arnhem. In oktober 1927 houdt hij “opruiming van restanten schilderstukken”, maar ook daarna gaat hij door met de verkoop van schilderijen. Ook in 1934 houdt hij “opruiming”, waarschijnlijk omdat hij verhuist. Daarna adverteert hij in de Graafschap Bode. Zijn verkoopadres en etalage is in de Dullestraat 17 (bij de Hertogstraat) in Arnhem.
Zijn vrouw Gerritje is in 1954 overleden. Ik heb niet kunnen vinden of zij ook kinderen hebben gehad. Toch lees ik op een of ander forum dat iemand zich meldt als een kleinkind van de schilder H.J. Verhaaf.

NB) Misschien weet een van mijn lezers of dit de weergave is van een bestaand stadsgezicht is of dat het aan de fantasie van Verhaaf is ontsproten.

Geplaatst in diversen, Geen categorie | 1 reactie

Jacob Cornelis Schouten, Nijmegen 1901 – Den Haag 1986

Ik ben er nog niet klaar mee.
Het is fascinerend om te zoeken naar iemand die zo lang geleefd en gewerkt heeft als kunstschilder. Maar ook frustrerend omdat er over hem bijna niets te vinden is.
Gelukkig kwam ik er achter, zoals ik eerder meldde, dat er op 9 november 2015 bij Het Notarishuis in Arnhem een schilderij van hem is geveild. Een vriendelijke medewerker van het veilinghuis stuurde mij enkele foto’s van het schilderij:
Woeste Zee, olie/doek, 48,5×48.5cm , gesigneerd en gedateerd 1931.

126651A

Ik vermoed dat het ooit gehangen heeft op de tentoonstelling bij Kleijkamp waarvan sprake was in mijn vorige post over Schouten.
Hoewel het acht jaar later is ontstaan dan het werk dat ik onlangs heb schoongemaakt en de signatuur onvergelijkbaar anders is aangebracht (In 1931 is het bijna onleesbaar.), staat voor mij vast dat het dezelfde schilder is. Het latere werk is gedurfder en kleurrijker dan dat uit 1923. Toch zie je in beide schilderijen de gedrevenheid van de maker er van af. Daarom is het wonderlijk dat ik verder bijna niets over hem te weten kom. De RKD vermeldt slechts zijn omzwervingen van Nijmegen naar Arnhem, Antwerpen, Brussel, Parijs, Den Haag en Zoetermeer. Van zijn verblijf in Den Haag, 1928 -1940, weet ik inmiddels waar hij gewoond heeft: Irisstraat, Eschdoornstraat, Fahrenheitstraat, Anemoonstraat, Mallenden, Burgemeester Waldeckstraat (Loosduinen) en Fultonstraat. Steeds staat hij ingeschreven als kunstschilder. Misschien is de onleesbaarheid van zijn signatuur de reden dat het zoeken naar zijn latere werk ondoenlijk is.

126651B 126651C

De signatuur uit 1931 en de achterzijde met naamsvermelding.

Geplaatst in diversen, Geen categorie, kunst | Een reactie plaatsen

God in ’t diepst

wp_20180701_14_59_53_pro

Daar sta je dan op een zonovergoten zondagmiddag in een donkere bollenschuur in Berkhout tegenover een groot zwart schilderij met kleurige vlekjes. Ik ben niet de enige bezoeker, want er wordt luidruchtig, hartelijk verwelkomd met lachsalvo’s en klapzoenen.
Op het schilderij gebeurt iets bijzonders. Het zwart wordt kleur en de kleur wordt licht. De verf is getuige van de hand en de geest die het maakte. Het raakt mij.
Thuisgekomen word ik boos en verdrietig, verward en ontdaan om de domheid en onrecht in onze  maatschappij anno 2018. Kunst is tot een “linkse hobby” uitgeroepen door de populisten die de wereld ondermijnen. Kunst op een voetstuk plaatsen is iets raars van de “linkse elite”. Daardoor probeert men kunst te ontdoen van het meest waardevolle dat het in zich heeft: “
de aller-individueelste expressie van de aller-individueelste emotie” .

Waarom moet men zich afzetten tegen alles van waarde. Waarom omarmen we massaal de van clichés doordrenkte populaire uitingen, dat we ongegeneerd kunst noemen en laten we de aller-individueelste expressies wegkwijnen in steriele galeries of in pretentieloze bollenschuren?

Ik ben niet zo van deze eeuw.

Sonnet

Ik ben een God in ’t diepst van mijn gedachten,
En zit in ’t binnenst van mijn ziel ten troon
Over mij zelf en ’t al, naar rijksgeboôn
Van eigen strijd en zege, uit eigen krachten.

En als een heir van donkerwilde machten
Joelt aan mij op en valt terug, gevloôn
Voor ’t heffen van mijn hand en heldere kroon:
Ik ben een God in ’t diepst van mijn gedachten.

— En tóch, zo eindloos smacht ik soms om rond
Úw overdierb’re leên den arm te slaan,
En, luid uitsnikkende, met al mijn gloed

En trots en kalme glorie te vergaan
Op úwe lippen in een wilden vloed
Van kussen, waar ‘k niet langer woorden vond.

Willem Kloos (1859 – 1938)

(Sonnet nummer V werd voor het eerst gepubliceerd in 1895)

“Een veel geciteerde uitspraak van Kloos is dat kunst de aller-individueelste expressie van de aller-individueelste emotie moet zijn. Vorm en inhoud zijn onscheidbaar; het gaat om l’art pour l’art (kunst om de kunst)”, schrijft iemand bij Wikipedia.

(De foto heb ik geleend van Thérèse

Geplaatst in diversen, Geen categorie, kunst | Een reactie plaatsen

J. Schouten

IMG_8478

 

 

 

Hetzelfde zeegezicht van J Schouten 1923 nu met lijst

Omdat mijn lieve nicht Tilly vanuit Amerika met stelligheid meldde dat het schilderijtje van mijn vorige post gesigneerd is door J. Schouten, ben ik toch maar doorgegaan met zoeken op dat spoor. Mijn “Scheen” (een groot cadeau van mijn even grote broer Frans) noemt nogal wat mensen met de achternaam Schouten (15 stuks).
Omdat het werkje gedateerd is op 1923 vallen er wel een aantal af omdat zij dat jaar niet actief waren. Enkelen waren dan al dood en anderen waren veel te jong of nog niet geboren. Al met al blijven er maar drie over:
Jan (Johannes Lourens) Schouten, 1852 – 1960
Jan Schouten, 1906 – 1987
Jacobus Cornelis Schouten 1901 – 1986

De eerste is de bekendste. Hij was bouwkundige en glazenier, maar heeft ook geschilderd. Zijn faam ontleent hij vooral aan de gebrandschilderde ramen voor de grote kerk in Gouda. Zijn atelier in Delft is nu het Jan Schoutenhuis. Maar uit de beschrijving van zijn werk vind ik geen aanwijzing dat hij de schilder zou kunnen zijn van mijn onderwerp.

De tweede werd geboren in Rotterdam en was in 1923 pas 17 jaar. Daarmee valt hij nog net binnen de categorie kanshebbers, maar ik lees over hem dat hij portretten, stillevens en landschappen maakte. Ook maakte hij enkele “uitstekende” muurschilderingen. Behalve kunstenaar was hij ook priester en (kunst)historicus. Hij kreeg vooral betekenis omdat hij werd benoemd tot directeur van de Goudse musea waarbij hij zorgde voor een aanzienlijke uitbreiding van de collectie. In 1963 promoveerde hij tot doctor in de letteren en wijsbegeerte en was o.a. lid van Arti et Amicitiae in Amsterdam. Natuurlijk kan mijn schilderij een jeugdzonde van hem zijn geweest, maar gezien zijn loopbaan lijkt het mij onwaarschijnlijk.

De laatste werd geboren in Nijmegen en is overleden in Zoetermeer. Hij was leerling van “Kunstoefening” in Arnhem, waar hij les kreeg van o.a. J.H. Geerlings. Scheen en ook de RKD (rijksdienst voor kunsthistorische documentatie) vermeldt dat hij voornamelijk “zeeën, landschappen, bloemen en figuurstukken (deze in mindere mate)” heeft gemaakt.
Via Google kom ik er achter dat van hem ooit een schilderij is geveild bij het Notarishuis in Arnhem: Jacobus Cornelis Schouten (Nijmegen 1901-1986 Zoetermeer) – Woeste zee – doek – 48,5 x 48,5 cm – ges. r.o.en gedat. 1931. Helaas was daarbij geen afbeelding.
Ook vond ik een recensie in het Algemeen Handelsblad van 1 maart 1936 (zie Delpher )

Een tentoonstelling bij Kleijkamp in Den Haag op 28 februari 1936.
En dan moet men in de bovenzalen aan den anderen kant van de trap de schilderijen van dien jongen wildeman te gaan zien, die Jan Schouten heet. Permeke is er een salonschilder bij! Wat een wildheid, wat een ruwheid! Neen, dit is zeker nog geen kunst. Maar het is echt, het is stellig geen uiting van een zucht tot overdonderen. En dan is zulk wild werk van een zoo jong mensch ons bij voorbaat sympathiek en gaan wij vlijtig zoeken of er wat in zit. En er zit wat in! Die ruw gesmeerde zeeën golven en die vuilgeveegde schuiten schommelen en die paar bonkige huisjes zijn uit den grond gegroeid en men weet ze woningen van menschen die óók groeisels van dien grond zijn. ’t Is allemaal onhandig en schichtig geschilderd. Maar het is gevoeld en… er is van dat gevoel al iets in uitgestort.
Laat Schouten maar wat uitdaveren. Van dezen „most” gelooven wij, schoon hij zich „ganz absurd gebärdet” te kunnen zeggen: „Er gibt zuletzt doch einen Wein”.

Let op: De scribent heeft het over Jan Schouten. Maar misschien heeft hij dat gedacht omdat het gesigneerd was met J. Schouten. Zou dit dan toch de maker zijn van ook mijn schilderij? En waarom kan ik verder niets over hem vinden?

Geplaatst in diversen, Geen categorie, kunst | 2 reacties

Schooten voor de boeg

Een van mijn hobby’s is om bij de kringloopwinkel schilderijtjes te kopen waarvan de lijst mij bevallen om ze vervolgens schoon te maken en waar nodig te repareren. Het schilderijtje dat er in zit is vaak ook heel smerig en heeft soms een vergeeld vernis. Dan is het leuk om daarop mijn schoonmaak methodes uit te proberen, want nergens op internet vond ik een handleiding hoe je dat moet doen. Soms is het resultaat zo aardig dat ik besluit om het werkje weer in de oorspronkelijke lijst te doen. Dit tot groot verdriet van mijn lieve vrouw Thérèse, die zich opgescheept ziet met schilderijen die zij verfoeid, hetzij door de somberheid, hetzij door de oubolligheid van de voorstelling. Maar ik vind het heel leuk en ga er ook vast mee door.
Ook vind ik het sport om de maker van het schilderij te achterhalen. Vaak is het gesigneerd met een voor mij volstrekt onbekende naam. Onlangs nam ik zo een schilderijtje onderhanden van een paar zeilbootjes op een nevelig water. Er stond een naam op, maar de signatuur zat half onder de lijst en door de mate van vervuiling sowieso niet leesbaar. De aardige klassieke lijst was, blijkens een etiketje achterop, van een lijstenmaker uit Loosdrecht en waarschijnlijk van vrij recente datum.
Na het uit de lijst nemen zag ik dat het gesigneerd was door J. Schooten en gedateerd op 1923. Het was op doek geschilderd en later op triplex geplakt (marouflage heet dat zo mooi).

schootenNu ik dat allemaal weet leek het mij niet moeilijk om de maker te achterhalen. Maar de werkelijkheid is soms lastiger dan je denkt. De lijstenmaker uit Loosdrecht heet Lannie Olie. Lannie’s Lijstenmakerij was gevestigd op de Nootweg 25 in Loosdrecht. Maar helaas bestaat die niet meer, zodat ik daar geen inlichtingen kan inwinnen. In het schilders lexicon van Pieter Scheen vond ik Jan Anthonius van Schooten (let op tussenvoegsel “van”). Deze Jan van Schooten (1870-1933) was schilder tekenaar en etser, geboren in Deventer, opgeleid in Den Haag en Amsterdam en was ook tekenleraar in Hilversum.
Een vergelijkbare afbeelding van een van zijn schilderijen heb ik niet kunnen vinden maar de signatuur op zijn tekeningen die ik wel vond bevatten allen of een “v” of het woordje “van” voor “Schooten”. Wel wordt zijn schilderstijl omschreven als “impressionistisch” en Hilversum ligt niet zo ver van Loosdrecht.
Misschien wordt dit wel gelezen door iemand die de signatuur herkent of iemand die zegt: Nee joh, er staat Schouten, Schroten of Sahooten of iets dergelijks.

signatuur

Wat vind jij?

Geplaatst in diversen, Geen categorie, kunst | 4 reacties

Inzicht

Charles-William-Meredith-van-de-Velde----De-stad-Koepang
Charles-William-Meredith-van-de-Velde—-De-stad-Koepang op Timor

Voorouderonderzoek verschaft mij veel plezier. Zo raak ik verzeild in werelden waarvan  ik tot voor kort geen weet had. Ook ontdek ik dat bewondering en respect voor ouders en grootouders gebaseerd is op blind vertrouwen en vage herinneringen. Zo leer ik mijzelf kennen en relativeren. Ik zie mijn fouten en tekortkomingen gespiegeld aan die van mijn voorouders en verwanten.
Na zoveel jaren van terugkijken in de tijd en wroeten in archieven heb ik een aardige verzameling van mannen en vrouwen die er voor gezorgd hebben dat ik besta. Daar zitten parels en diamantjes tussen die mij vervullen met trots. Anderen stemmen mij tot droefenis en medelijden. Soms vind ik iemand die een kwalijk karakter moet hebben gehad of in ieder geval niet altijd voor de juiste weg heeft gekozen en waarvoor schaamte op zijn plaats is. Echte misdadigers ben ik gelukkig (nog) niet tegengekomen, al is mijn oordeel vaak gebaseerd op vage aanwijzingen.
Speculeren over iemands verleden hoort bij de hobby en ook de fantasie verschaft mij veel plezier.
Neem nou het volgende geval.

De overgrootmoeder van mijn oma De Vries heette Anna Cornelia Kraijenhoff.
Deze Anna was eerder getrouwd met Frans von Winckelmann, maar kreeg met haar tweede man een dochter, Anna Dickelman , die op haar beurt weer de moeder was van Wilhelmina Arendsen Hein, de moeder van mijn oma de Vries die de meisjesnaam Corrie Eerdmans had.
Lang ben ik op zoek geweest naar akten of bewijzen van de geboorte van Anna Kraijenhoff. Die moet geweest zijn rond 1798 ergens in het voormalige Nederlands Indië. Ten tijde van haar huwelijk met Franz Willem Lodewijk von Winkelmann in 1824 woonde zij in Semarang. Ik heb haar genoteerd als dochter van Cornelis Johannes Kraijenhoff. Deze Kraijenhoff was majoor in het Ned. Indische leger en tot zijn dood in 1821 ook in Semarang. Toch is er met deze Kraijenhoff iets bijzonders aan de hand.

Cornelis Johannes Kraijenhoff werd in 1779 geboren op Timor (een van de Kleine Soenda eilanden, destijds een VOC nederzetting in het huidige Indonesië) als  zoon van Lodewijk (Louis / Ludovicus) Kraijenhoff een in Gorinchem geboren militair in dienst van het VOC.
Onze Cornelis Kraijenhoff is in 1815 te Alkmaar getrouwd met Maria Phitzinger. In de bijlage van de huwelijksakte lees ik dat de dan zesendertigjarige  Cornelis verklaart dat hij geen geboortebewijs, noch een bewijs van overlijden van zijn ouders kan overhandigen omdat hij op twaalfjarige leeftijd naar Holland is gekomen en nooit meer is teruggegaan naar Indië, waar zijn ouders woonden en zullen zijn gestorven.
Hier zet ik dus argwanend grote vraagtekens bij.
Hij trouwt als hij 36 jaar is met Maria Phitzinger, de vijftienjarige zuster van Johan Adam Phitzinger, een kapitein uit zijn regiment, die na het overlijden van de ouders is aangesteld als voogd van zijn twee zusters Maria en Carolina. Om aan de wettelijke verplichtingen te voldoen ronselt Kraijenhoff zes getuigen binnen zijn regiment in Alkmaar, die allen braaf verklaren dat hij inderdaad niet meer in De Oost is geweest sinds zij hem kennen en ook dat zij in het militaire stamboek hebben gelezen dat hij op Timor is geboren als zoon van Lodewijk Kraijenhoff en Maria Jansen.
Ergens klopt er iets niet.
Ik vermoed dat Kraijenhoff, na de Britse overname van het Bataafs/Franse gezag over de Nederlandse bezittingen in 1811 uit het leger is ontslagen en in 1812 naar Holland is gekomen. Daar heeft hij dienstgenomen in het leger van Napoleon. Vervolgens, na de Volkerenslag in 1813 en de verbanning van Napoleon naar Elba, is hij overgegaan naar het leger van de Verenigde Nederlanden en zo in Alkmaar verzeild geraakt.
Als dat klopt veronderstel ik dat hij die verwarring met het jaartal 12 en de leeftijd van 12 bewust heeft laten bestaan omdat hij wilde verzwijgen dat hij in 1798, hij was toen 19 jaar, een kind had verwekt bij een onbekende (inlandse?) vrouw. Dat kind, Anna Cornelia, droeg wel zijn familienaam maar toch heeft hij haar achtergelaten toen hij vertrok naar Holland. Waarschijnlijk wilde hij zijn jonge bruid niet verontrusten met de mededeling dat hij vader was van een dochter die ongeveer net zo oud was als zij. Hoe dan ook hetzelfde jaar vertrekt het echtpaar naar De Oost, want op 23 mei 1816 wordt in Batavia hun dochtertje Henriëtte geboren. In 1819 wordt op Ambon nog een dochter geboren, Louise. Maar twee jaar daarna, in 1821, sterft Cornelis in Semarang. Het blijft raden of Cornelia de laatste jaren voor 1821 nog herenigd is geweest met haar vader. Zij wonen dan beiden in Semarang en zo groot is daar de Europees/Indo gemeenschap in die tijd ook weer niet.
Daarmee is deze Cornelis Johannes Kraijenhoff dus weldegelijk een van mijn voorouder waarop ik overigens niet bijzonder trots ben.
Hoewel?

NB) De foto hierboven komt van deze interessante site

Geplaatst in diversen, Geen categorie, genealogie | 2 reacties